26825 books for « van es w j l »Edit

Sort by

Topics

1 2 3 4 ... 271 538 805 1072 ... 1073 Next Exact page number ? OK

‎[Van Dongen] KIPLING (Rudyard)‎

Reference : 10257

(1920)

‎Les plus beaux contes de Kipling illustrés par Kees Van Dongen‎

‎Paris, Editions De La Sirène, 1920. 1010 g Grand in-4 broché, couvertures rempliées, [1] fb., 115 pp., [1] f., [2] ffb.. Illustré de 23 compositions en couleurs de Kees Van Dongen dont 18 à pleine page. L'artiste a également composé les ornements et les maquettes de cet ouvrage tiré à 300 exemplaires, celui-ci un des 250 exemplaires numérotés sur vélin de Rives à la forme. Les illustrations ont été coloriées par l'atelier Marty. L'impression a été réalisée par Louis Kaldor. Carteret, Trésor du Bibliophile, 1875 à 1945, IV, 221; Mahé, Bibliographie des livres de luxe, II, 511-512. Quelques feuillets non coupés. Très légère fente et petits défauts sur le dos mais bon exemplaire. . (Catégories : Livres illustrés, Littérature, Contes, )‎


Phone number : 06 17 93 27 81

EUR1,600.00 (€1,600.00 )

‎Ronald De Meyer, Mil De Kooning, Laurence Vanackere, Hedwig Speliers, Gert Van Conkelberge, Van Hulle‎

Reference : 57906

‎Peter Callebout 1916-1970.‎

‎Mechelen, aa50 / Vlees & beton, 1998 softcover, 164 pages, illustraties z/w, NL edition. Vlees en beton. -vol. 35- 36. ISBN 9090113452.‎


‎Peter Callebout studeert in 1937 af aan de Academie voor Schone Kunsten te Brugge en gaat als autodidact in de leer in het atelier van zijn vader, architect Ernest Callebout, met wie hij van 1934 tot 1952 samenwerkt. In 1939 wordt Callebout na het afleggen van examens geregistreerd als architect. Callebout vertegenwoordigt België op het laatste CIAM-congres in Otterlo (Nederland) in 1959 en maakt in 1957 en 1960 deel uit van de jury van de Prijs van Rome. Hij gaat van 1960 tot 1962 een vennootschap aan met zijn leerling Fernand Sohier in 'Atelier CS', van 1967 tot 1970 is hij, als hoofd van een ontwerpatelier en docent constructie, verbonden aan de architectuurschool van La Cambre. Hij was lid van verschillende beroepsverenigingen, onder meer de Belgische Union of Designers en de Londense Architectural Association. Vanaf 1967 werkt hij samen met zijn voormalige stagiair Paul Viérin. In 1969 verhuist Callebout naar Brussel, na zijn dood in 1970 worden onafgewerkte projecten verdergezet door onder meer architecten Willy Van Der Meeren, Joël Claisse en Paul Viérin. Filosofie, vormgeving, materiaalkeuze, interactie omgeving Callebout wordt door zijn tijdsgenoten beschreven als een dandy. Hij zag architectuur niet als een broodwinning maar als een creatieve levenswijze, waarbij hij enkel inging op interessante opdrachten. Essentieel daarbij was een nauwe relatie tussen architect, bouwheer en aannemer. Zijn bouwwijze wordt getypeerd door 'eenvoud', 'discretie' en 'raffinement'. De woningen vallen op door de nauwe verwevenheid van architectuur en landschap en een traditioneel materiaalgebruik met streekeigen materialen (hout, glas en baksteen). Het respect van de architect voor de omgeving en het streven naar integratie van het gebouw in het omringende landschap komt vooral tot uiting in zijn realisaties in de duinenverkaveling te Nieuwpoort-Bad. Callebouts oeuvre vat zich samen in rationele en streekeigen architectuur met uitgepuurde binnenruimten. Zijn ontwerpen kennen een belangrijke dialoog interieur-exterieur: de gevel als een gestileerde vertolking van de inwendige planopdeling, die op haar beurt inspeelt op de toevalligheden van de site. Plattegronden worden herleid tot een minimale compositie van lijnen, die in eerste instantie een maximaal ruimtegevoel uitdrukken. Naast het Mies van der Rohe adagium 'less is more' zijn in Callebouts oeuvre invloeden van Wrights organische architectuur en de traditionele Japanse en naoorlogse Scandinavische architectuur te onderscheiden. Tevens vallen gelijkenissen op met de Internationale Stijl, met o.m. architecten Marcel Breuer, en Richard Neutra. Callebout liet zelf geen schriftelijke bronnen over zijn architecturale opvattingen na. Wel publiceerde het tijdschrift "Plan" in 1964 een discussie met architecten Van der Meeren, Braem, en andere over de zin van architectuur, waarbij Callebout stelt: "Heeft architectuur nog zin?" en "Mijns inziens moet architectuur verdwijnen eer er weer van architectuur sprake kan zijn". Oeuvre Callebout liet een klein maar kwalitatief oeuvre na, bestaande uit een bescheiden aantal eengezinswoningen over heel België, voornamelijk geconcentreerd in West-Vlaanderen. Voor een Belgische opdrachtgever ontwierp hij zelfs een vakantiewoning in de Provence. Het zijn kwalitatieve ontwerpen met een tijdloos karakter in hun eenvoud van compositie en materiaalgebruik. Zijn eerste persoonlijke werk is de woning van kunstenares Yvonne Gérard in Namen (ontwerp 1949, uitvoering 1951), waar al de toon voor zijn later werk naar voor komt: gebruik van streekeigen materialen in een kwalitatief sober eigentijds ontwerp. In de periode 1955-1957 ontwerpt hij drie bel-étage woningen: woning Grauwels te Oostende (in samenwerking met R. Meyer), woning Pintelon te Oostende, woning Pauwels te Blankenberge (afgebroken). Voor deze laatste ontvangt hij de 'Speciale Prijs voor een bescheiden woning' in de wedstrijd van het Nationaal Houtvoorlichtingsbureau (1955). In Nieuwpoort tekent Callebout voor de Société Immobilière et Mobilière du Littoral (SIMLI) in 1955 het verkavelingsplan voor een villapark in de duinen, een organische aanpak die rekening houdt met het duinenreliëf, maar die door de SIMLI echter niet wordt gevolgd. Callebout kan bij de projectontwikkelaar wel een zone voor 'moderne architectuur' afdwingen. Zijn utopie was een plaats te creëren waar nationale en internationale vermaarde architecten konden experimenteren. In de periode 1955-1968 ontwerpt hij verscheidene perfect in de omgeving geïntegreerde villa's en bungalows, waaronder een dubbele woning voor E. De Saedeleer (1955-1957), zijn eigen woning (1956) en vakantiewoning Six (1959). Deze huizen behoren tot zijn belangrijkste verwezenlijkingen, gekenmerkt door de nauwe verwevenheid van architectuur en landschap en het aanwenden van streekeigen materialen (hout, glas en baksteen) in grote platte en effen vlakken. Reeds op het einde van de jaren 1960 krijgt de wijk een voorbeeldstatus en wordt in binnen- en buitenlandse tijdschriften beschreven als een van de enige kwalitatieve verwezenlijkingen aan de Belgische kust. Meuris schrijft bij een artikel naar aanleiding van Callebouts dood over een bedevaartsoord voor jonge architecten: "... qui imposa le pélérinage de Nieuport à de jeunes architectes". Architectuurkenner Bekaert stelt al in 1971 dat moderne Belgische architectuur uit de jaren 1950 gekenmerkt wordt door middelmatigheid en daartegen het werk van architecten als Callebout, Brodzki, Jacqmain afsteekt: "een verademing in vele opzichten betekent de vakantiewoonwijk die P. Callebout voor zichzelf en enkele vrienden te Nieuwpoort bouwde"... "vormt temidden van de krampachtige gezochtheid en de geestelijke bloedarmoede, een bijzonder verdienstelijk geheel". Typisch voor jaren 1950 is de interesse voor modules en dragende skeletconstructies. Callebout had een voorliefde voor hout en was sterk geïnteresseerd in industrialisatie, mechanisatie, automatisatie en rationalisering van het ontwerp- en bouwproces. Hij was ook geïnteresseerd in zuiniger grondstoffengebruik en de technische mogelijkheden van het hout voor toepassing in de bouw. Zo ontwikkelt hij prototypes voor houten prefab woningen die in 1956 en 1961 op het Internationaal Houtsalon van de Gentse Jaarbeurs worden voorgesteld. Samen met bevriend kunstenaar Marc Mendelson verzorgt Callebout de inrichting van paleis 2 op Expo 58, ter ondersteuning van de kunsttentoonstelling "50 ans d'art moderne". Zijn samenwerking met Fernand Sohier in 'Atelier CS' levert tweemaal een eerste vermelding op in de Prijs van het Nationaal Instituut voor Huisvesting: in 1962 voor de woning Lefèvre te Sint-Kruis-Brugge (1961), in 1963 voor de volledig in hout opgetrokken vakantiewoning Van Hoorebeke op de Zeedijk te Zeebrugge (1962). Beiden tellen als zeldzame voorbeelden van skeletbouwconstructies in privéwoningen. Callebouts laatste grote werk was het Centrum voor Kunst en Kunstambachten Valerius De Saedeleer te Etikhove (1968-1970), een tentoonstellingsruimte met werkstudio die echter in 1975 wordt verbouwd tot woning.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR325.00 (€325.00 )

‎Ronald De Meyer, Mil De Kooning, Laurence Vanackere, Hedwig Speliers, Gert Van Conkelberge, Van Hulle‎

Reference : 57907

‎Peter Callebout 1916-1970. Luxe uitgave genummerd. 1/17ex.‎

‎Mechelen, aa50 / Vlees & beton, 1998 Hardcover in rood linnen band met opdruk, 164 pages, illustraties z/w, Vlees en beton. - Damme; vol. 35- 36 / NL Edition. ***** GENUMMERDE OPLAGE van 17 exemplaren; dit is nummer 5. ISBN 9090113452.‎


‎Peter Callebout studeert in 1937 af aan de Academie voor Schone Kunsten te Brugge en gaat als autodidact in de leer in het atelier van zijn vader, architect Ernest Callebout, met wie hij van 1934 tot 1952 samenwerkt. In 1939 wordt Callebout na het afleggen van examens geregistreerd als architect. Callebout vertegenwoordigt België op het laatste CIAM-congres in Otterlo (Nederland) in 1959 en maakt in 1957 en 1960 deel uit van de jury van de Prijs van Rome. Hij gaat van 1960 tot 1962 een vennootschap aan met zijn leerling Fernand Sohier in 'Atelier CS', van 1967 tot 1970 is hij, als hoofd van een ontwerpatelier en docent constructie, verbonden aan de architectuurschool van La Cambre. Hij was lid van verschillende beroepsverenigingen, onder meer de Belgische Union of Designers en de Londense Architectural Association. Vanaf 1967 werkt hij samen met zijn voormalige stagiair Paul Viérin. In 1969 verhuist Callebout naar Brussel, na zijn dood in 1970 worden onafgewerkte projecten verdergezet door onder meer architecten Willy Van Der Meeren, Joël Claisse en Paul Viérin. Filosofie, vormgeving, materiaalkeuze, interactie omgeving Callebout wordt door zijn tijdsgenoten beschreven als een dandy. Hij zag architectuur niet als een broodwinning maar als een creatieve levenswijze, waarbij hij enkel inging op interessante opdrachten. Essentieel daarbij was een nauwe relatie tussen architect, bouwheer en aannemer. Zijn bouwwijze wordt getypeerd door 'eenvoud', 'discretie' en 'raffinement'. De woningen vallen op door de nauwe verwevenheid van architectuur en landschap en een traditioneel materiaalgebruik met streekeigen materialen (hout, glas en baksteen). Het respect van de architect voor de omgeving en het streven naar integratie van het gebouw in het omringende landschap komt vooral tot uiting in zijn realisaties in de duinenverkaveling te Nieuwpoort-Bad. Callebouts oeuvre vat zich samen in rationele en streekeigen architectuur met uitgepuurde binnenruimten. Zijn ontwerpen kennen een belangrijke dialoog interieur-exterieur: de gevel als een gestileerde vertolking van de inwendige planopdeling, die op haar beurt inspeelt op de toevalligheden van de site. Plattegronden worden herleid tot een minimale compositie van lijnen, die in eerste instantie een maximaal ruimtegevoel uitdrukken. Naast het Mies van der Rohe adagium 'less is more' zijn in Callebouts oeuvre invloeden van Wrights organische architectuur en de traditionele Japanse en naoorlogse Scandinavische architectuur te onderscheiden. Tevens vallen gelijkenissen op met de Internationale Stijl, met o.m. architecten Marcel Breuer, en Richard Neutra. Callebout liet zelf geen schriftelijke bronnen over zijn architecturale opvattingen na. Wel publiceerde het tijdschrift "Plan" in 1964 een discussie met architecten Van der Meeren, Braem, en andere over de zin van architectuur, waarbij Callebout stelt: "Heeft architectuur nog zin?" en "Mijns inziens moet architectuur verdwijnen eer er weer van architectuur sprake kan zijn". Oeuvre Callebout liet een klein maar kwalitatief oeuvre na, bestaande uit een bescheiden aantal eengezinswoningen over heel België, voornamelijk geconcentreerd in West-Vlaanderen. Voor een Belgische opdrachtgever ontwierp hij zelfs een vakantiewoning in de Provence. Het zijn kwalitatieve ontwerpen met een tijdloos karakter in hun eenvoud van compositie en materiaalgebruik. Zijn eerste persoonlijke werk is de woning van kunstenares Yvonne Gérard in Namen (ontwerp 1949, uitvoering 1951), waar al de toon voor zijn later werk naar voor komt: gebruik van streekeigen materialen in een kwalitatief sober eigentijds ontwerp. In de periode 1955-1957 ontwerpt hij drie bel-étage woningen: woning Grauwels te Oostende (in samenwerking met R. Meyer), woning Pintelon te Oostende, woning Pauwels te Blankenberge (afgebroken). Voor deze laatste ontvangt hij de 'Speciale Prijs voor een bescheiden woning' in de wedstrijd van het Nationaal Houtvoorlichtingsbureau (1955). In Nieuwpoort tekent Callebout voor de Société Immobilière et Mobilière du Littoral (SIMLI) in 1955 het verkavelingsplan voor een villapark in de duinen, een organische aanpak die rekening houdt met het duinenreliëf, maar die door de SIMLI echter niet wordt gevolgd. Callebout kan bij de projectontwikkelaar wel een zone voor 'moderne architectuur' afdwingen. Zijn utopie was een plaats te creëren waar nationale en internationale vermaarde architecten konden experimenteren. In de periode 1955-1968 ontwerpt hij verscheidene perfect in de omgeving geïntegreerde villa's en bungalows, waaronder een dubbele woning voor E. De Saedeleer (1955-1957), zijn eigen woning (1956) en vakantiewoning Six (1959). Deze huizen behoren tot zijn belangrijkste verwezenlijkingen, gekenmerkt door de nauwe verwevenheid van architectuur en landschap en het aanwenden van streekeigen materialen (hout, glas en baksteen) in grote platte en effen vlakken. Reeds op het einde van de jaren 1960 krijgt de wijk een voorbeeldstatus en wordt in binnen- en buitenlandse tijdschriften beschreven als een van de enige kwalitatieve verwezenlijkingen aan de Belgische kust. Meuris schrijft bij een artikel naar aanleiding van Callebouts dood over een bedevaartsoord voor jonge architecten: "... qui imposa le pélérinage de Nieuport à de jeunes architectes". Architectuurkenner Bekaert stelt al in 1971 dat moderne Belgische architectuur uit de jaren 1950 gekenmerkt wordt door middelmatigheid en daartegen het werk van architecten als Callebout, Brodzki, Jacqmain afsteekt: "een verademing in vele opzichten betekent de vakantiewoonwijk die P. Callebout voor zichzelf en enkele vrienden te Nieuwpoort bouwde"... "vormt temidden van de krampachtige gezochtheid en de geestelijke bloedarmoede, een bijzonder verdienstelijk geheel". Typisch voor jaren 1950 is de interesse voor modules en dragende skeletconstructies. Callebout had een voorliefde voor hout en was sterk geïnteresseerd in industrialisatie, mechanisatie, automatisatie en rationalisering van het ontwerp- en bouwproces. Hij was ook geïnteresseerd in zuiniger grondstoffengebruik en de technische mogelijkheden van het hout voor toepassing in de bouw. Zo ontwikkelt hij prototypes voor houten prefab woningen die in 1956 en 1961 op het Internationaal Houtsalon van de Gentse Jaarbeurs worden voorgesteld. Samen met bevriend kunstenaar Marc Mendelson verzorgt Callebout de inrichting van paleis 2 op Expo 58, ter ondersteuning van de kunsttentoonstelling "50 ans d'art moderne". Zijn samenwerking met Fernand Sohier in 'Atelier CS' levert tweemaal een eerste vermelding op in de Prijs van het Nationaal Instituut voor Huisvesting: in 1962 voor de woning Lefèvre te Sint-Kruis-Brugge (1961), in 1963 voor de volledig in hout opgetrokken vakantiewoning Van Hoorebeke op de Zeedijk te Zeebrugge (1962). Beiden tellen als zeldzame voorbeelden van skeletbouwconstructies in privéwoningen. Callebouts laatste grote werk was het Centrum voor Kunst en Kunstambachten Valerius De Saedeleer te Etikhove (1968-1970), een tentoonstellingsruimte met werkstudio die echter in 1975 wordt verbouwd tot woning.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR525.00 (€525.00 )

‎Marc Van de Cruys.‎

Reference : 59621

‎MISCELLANIA HERALDICA II ; Mengelingen over wapenkunde en aanverwante, niet eerder gepubliceerd in Heraldicum Disputationes.‎

‎, Homunculus, 2022 340 bladzijden op hoogkwalitatief papier, A4- formaat, pur-gelijmd in en stevige soepele kaft. Vierentwintig afwisselende artikelen. Voorzien van indexen op meer dan 1200 familie- en persoonsnamen, 92 gemeenten en 47 wapenspreuken. Rijk geïllustreerd in kleur met foto?s en tekeningen van meer dan 650 wapenschilden (waarvan 92 gemeentewapens) en verschillende genealogische schema?s. Beperkte, genummerde, oplage van 165 exemplaren.‎


‎MISCELLANIA HERALDICA II Inhoud Een genealogisch-heraldisch vraagstuk. De wapenschilden op het grafmonument van de Oudenburgse abt Albert Frederik Taye te Wemmel De zeven geslachten van Brussel Heraldiek in de kringwinkel: De obiit van Theresia Maria van Susteren en iets over haar familie* (*met Hugo Lambrechts-Augustijns) Het gemeentewapen van ?s-Gravenwezel Over kunst, praalgraven en hondenhalsbanden: De hond van Roose Gelijke namen, verschillende wapens: Twee zegelmatrijzen ?de Carnin? en iets over de meerltjes van ?le Poyvre? Over scutellofobie en logomanie: ?De nieuwe gemeentelijke huisstijl? of de miskenning en teloorgang van achthonderd jaar erfgoed Verplaatst, verdwenen én teruggevonden te Wommelgem: De grafsteen en het wapen van Karel van den Heetvelde Heraldiek op Hulgenrode in Wommelgem: Joanna von Wasservas en Thomas Hütter: hun wapens en hun familie Kerkelijke heraldiek: De wapenschilden van de Belgische en Nederlandse missiebisschoppen van Scheut in China Een boeketje heraldiek: Over de vormgeving van bloemen in de heraldiek en de vlasbloem in het bijzonder De zeven geslachten van Leuven* (*met Dirk Coutereels) Naar Amerika en terug: Iets over de familie Stier, hun wapen en Maryland* (*met Stefan Crick) De herkomst van het wapen Stier: een alternatieve hypothese Een paar zegels en wat genealogie: Was- zegels van Brouchoven en van Berlaer in Antwerpse schepenakten* (*met Hugo Lambrechts-Augustijns) Blazoenen in het groen van Deurne: De wapens van Havre en della Faille op de ?Dellafaillebrug? in het Boekenbergpark Kwartierstaat of niet? Het glasraam van Pieter van Dorp: een onoplosbare puzzel Op zoek naar een gemeentewapen: Heral- diek van de ?heren? en ?vrouwen? van Wuustwezel Een verwarrend plaatje: Het votiefschilderij van Wouter van der Noot en Digna van Grimbergen Kerkelijke heraldiek: Een wapenbord in de abdij van Averbode met de blazoenen van abt Halloint en wijbisschop Jacquet Over handen in de heraldiek: Heraldische gebarentaal Van Maaseik naar Antwerpen en Duin- kerken: De familie en het wapen van Jan van Eelen (ca. 1625?1695) Waarom staat het wapen van Zemst op een glasraam uit 1459 in een Duitse kerk? Over de herkomst van het wapen van de familie van Bergen en dat van de gemeente Zemst Terug naar de bron: Het wapen van de adellijke familie von Westerholt und Gysenberg‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR40.00 (€40.00 )

‎Virginie D'haene, Saskia van Altena, An Van Camp, Sarah van Ooteghem & Ilona van Tuinen‎

Reference : 62697

‎FROM SCRIBBLE TO CARTOON : Drawings from Bruegel to Rubens in Flemish Collections‎

‎, Artha. Art & Heritage, 2023 HB, 305 x 240 mm, 320 p, ENG. edition, 300 illustrations in colour, NEW, . ISBN 9789464368130.‎


‎Vlaamse tekeningen uit de 16de en 17de eeuw behoren tot de hoogtepunten van de westerse kunstgeschiedenis. Kunstenaars maakten tekeningen als ontwerp voor andere kunstwerken, om afzonderlijke motieven te bestuderen, om herinneringen vast te leggen, om een repertorium van studiemateriaal aan te leggen. Soms waren tekeningen ook autonome kunstwerken. In From Scribble to Cartoon staan functies, technieken en materialen van de tekenkunst centraal. De lezer wordt uitgedaagd om voorbij het afgebeelde onderwerp te kijken naar het doel dat de tekeningen dienden en waarom de kunstenaar daarbij koos voor bepaalde materialen, technieken, formaat en afmetingen. Dat alles aan de hand van een ruime selectie van 85 meestertekeningen bewaard in de verzamelingen van het Museum Plantin-Moretus en andere Vlaamse collecties. Topstukken van grootmeesters als Bruegel, Pieter Coecke van Aelst, Cornelis Floris, Rubens, Van Dyck, Jordaens, Jan Fijt passeren de revue maar evenzeer de recent ontdekte en zeldzame tekeningen van Paul Vredeman de Vries en werken van Joris Hoefnagel, Hendrick van Balen en Johannes Stradanus, of het verbluffende schetsboekje van de twaalfjarige Rubens, het tien meter lange Panorama van Zeeland van Anthonis van den Wijngaerde en de uiterst zeldzame Italië-schetsboekjes van de beeldhouwer Pieter Verbruggen. De publicatie is het resultaat van het jarenlange onderzoek van talrijke specialisten in de Vlaamse tekenkunst. Ze verschijnt naar aanleiding van de gelijknamige tentoonstelling in Antwerpen en Oxford met de steun van The Paper Project, een initiatief van the Getty Foundation. *** A selection of 85 Flemish drawings gives an astonishing and representative overview of the art of drawing in the sixteenth and seventeenth centuries. The publication focusses on the drawings subjects and compositions but also on how and why they were created and why an artist chose specific materials, techniques, formats and even sizes. It provides a framework to allow to see drawings in the functional context for which they were created. Renowned specialists in Flemish drawing discuss rare artworks by famous draughtsmen as Frans Floris, Peter Paul Rubens, Anthony Van Dyck, Jacques Jordaens, Otto van Veen, Jan Fijt but also hidden treasures such as the 10 meters long Panorama of Zeeland by Antoon van den Wijngaerde, a sketchbook of the 12 years old Rubens, recently discovered drawings by Hans Vredeman de Vries, the extremely rare Italy-sketchbooks by the sculptor Pieter Verbruggen and a newly discovered book-illustration design by Rubens for the Plantin Press. About the Author Virginie D'haene: Curator Prints and Drawings, Museum Plantin-Moretus, Antwerp An Van Camp: Christopher Brown Curator of Northern European Art, Ashmolean Museum, Oxford Ilona van Tuinen: Head of Printroom, Rijksprentenkabinet, Rijksmuseum, Amsterdam Sarah Van Ooteghem, Curator of Modern Drawings, Royal Museums of Fine Arts of Belgium, Brussels Saskia van Altena: Junior Curator Drawings and Prints, Rijksmuseum, Amsterdam ‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR45.00 (€45.00 )

‎[L'assassinat d'Henri IV par R.B.] Copie van het Decreet of Beslvyt vande Sorbonne van Parys Tot condemnatie ende verwysinghe van die Godeloose ende Kettersche opinie nopende het vermoorden der Princen: die generalick van de Iesuiten wordt staende ghehouden, ende onder deselve noch onlanghs van Ioannes Mariana, Spaegniaert: Mitsgaders Het Arrest van het Parlament, tot bevestinghe van dat Decreet, ende de condemnatie, van des ghemeld Marians Boeck: openbaerlick van den executeerder te zijn verbrandt.‎

Reference : 015590

‎[L'assassinat d'Henri IV par R.B.] Copie van het Decreet of Beslvyt vande Sorbonne van Parys Tot condemnatie ende verwysinghe van die Godeloose ende Kettersche opinie nopende het vermoorden der Princen: die generalick van de Iesuiten wordt staende ghehouden, ende onder deselve noch onlanghs van Ioannes Mariana, Spaegniaert: Mitsgaders Het Arrest van het Parlament, tot bevestinghe van dat Decreet, ende de condemnatie, van des ghemeld Marians Boeck: openbaerlick van den executeerder te zijn verbrandt.‎

‎[L'assassinat d'Henri IV par R.B.] Copie van het Decreet of Beslvyt vande Sorbonne van Parys Tot condemnatie ende verwysinghe van die Godeloose ende Kettersche opinie nopende het vermoorden der Princen: die generalick van de Iesuiten wordt staende ghehouden, ende onder deselve noch onlanghs van Ioannes Mariana, Spaegniaert: Mitsgaders Het Arrest van het Parlament, tot bevestinghe van dat Decreet, ende de condemnatie, van des ghemeld Marians Boeck: openbaerlick van den executeerder te zijn verbrandt. Amsterdam, Dirck Pietersz, 1610. In-4, [16]p. Traduction néerlandaise d'un pamphlet anglais sur l'assassinat d'Henri IV. Ce document, publié peu après l'évènement, montre bien l'importance des nouvelles à l'époque. Elle est d'ailleurs citée comme une des trois plaquettes en néerlandais publiées à l'époque par Marije van Rest (News in early modern Europe A case study of Henry IV's assassination, p.44). Rare plaquette. [144] ‎


Logo SLAM Logo ILAB

Phone number : +33 6 30 94 80 72

EUR375.00 (€375.00 )
Free shipping

‎Jean Van Raemdonck‎

Reference : 006252

(1862)

‎levensbeschrijving van philip verheyen‎

‎St. Nikolaas , Sint Niklaas 1862 oudheidkundigen kring van het land van Waes Soft cover 1st Edition ‎


‎Philip Verheyen, landbouwerszoon uit Verrebroek, wist op te klimmen tot leidinggevende geneesheer en ontleedkundige, leermeester voor velen. Hij overleed 300 jaar geleden, op 28 januari 1710. Hier vind je een greep uit het leven, werk en de nalatenschap van Verheyen, die vanaf de 19de eeuw ook met regelmaat gevierd werd in Verrebroek. Klik onderaan deze pagina om te tentoonstelling te bekijken. Philip Verheyen (1648-1710) Op 23 april 1648, in het hoopvolle jaar waarin de Vrede van Münster wordt afgesloten en na tachtig jaar oorlog de wapens in de Nederlanden worden neergelegd, ziet aan de Verrebroekse kant van de Bloempotstraat, Philip Verheyen het levenslicht. Hij is het derde van de zeven kinderen uit een landbouwersgezin. Philip is pas tien als hij zijn vader verliest en negentien wanneer zijn moeder sterft. Hij werkt als landarbeider op de hoeve van Carenna waar zijn intellectuele capaciteiten de aandacht trekken. Pastoor Joannes Jaspars geeft hem twee jaar lang Latijnse les en stuurt hem in 1672 naar Leuven waar hij achtereenvolgens in recordtempo zijn studies aan het Heilig Drievuldigheidscollege en aan de Artesfaculteit van de universiteit afwerkt. In 1677 schrijft hij zich in aan de Faculteit van de Godsgeleerdheid maar moet kort daarop een been laten amputeren. En aangezien het priesterschap niet te combineren valt met een handicap, heroriënteert Verheyen zich. Hij behaalt in 1681 in Leuven de graad van licentiaat in de geneeskunde en gaat in Leiden en Amsterdam verder studeren. Terug in Leuven, in 1683, treedt hij in het huwelijk. Twee jaar later wordt hij aangesteld tot professor. In 1689, tussen twee huwelijken in, wordt hij verkozen tot Rector Magnificus van de universiteit van Leuven. Philip Verheyen sterft op 28 januari 1710, vermoedelijk aan de gevolgen van tyfus. Hij laat een weduwe en zeven kinderen achter. De anatoom Philip Verheyen Reeds vanaf 1679, buiten de muren van de universiteit, voert Philip Verheyen dissecties uit op levende dieren. In Leiden volgt hij de lessen ontleedkunde in het anatomisch theater van de universiteit. In Amsterdam verblijft hij bij dr. Frederik Ruysch, wereldberoemd voor zijn anatomische lessen, menselijke preparaten en inspuitingen in de bloedvaten. In 1683 keert Verheyen terug naar Leuven. In hetzelfde jaar verdedigt hij met succes zijn doctoraat en wordt doctor in de medicijnen. Verheyen blijft zijn wetenschappelijk onderzoek voeren maar zet zich vanaf nu ook aan het schrijven. Hij publiceert vijf handboeken en meerdere traktaten. Zijn faam en bekendheid vestigt hij met de publicatie in 1693 van zijn Corporis Humani Anatomia of de Ontleedkundige beschrijving van het menselijk lichaam. Dit werk kende eenentwintig herdrukken waaronder drie Duitse en een Nederlandse vertaling. In het Corporis Humani Anatomia bundelt Verheyen de anatomische kennis van het einde van de zeventiende eeuw. Op basis van eigen onderzoek en experimenten schrijft hij een helder handboek en tekent hij zelf de talrijke beeldplaten. Zijn bedoeling is een volledig, overzichtelijk en betaalbaar handboek voor studenten geneeskunde en praktiserende artsen en chirurgijnen uit te geven. Twee generaties geneeskundestudenten zijn in de achttiende eeuw aan de Europese universiteiten opgeleid met de anatomiehandboeken van Philip Verheyen uit Verrebroek. Verrebroek viert Verheyen Sinds het midden van de negentiende eeuw herdenkt Verrebroek zijn beroemdste en meest eminente inwoner. In 1862 ging de eerste herdenking naar aanleiding van de oprichting van de Koninklijke Oudheidkundige Kring van het Waasland gepaard met de inhuldiging van zijn bronzen borstbeeld op de Varkensmarkt. Later werd het beeld verplaatst naar het huidige Verheyenplein.(overgenomen uit de Erfgeodbank Waasland) XXXII, 90 p.: ill., in-4, Buitengewone uitgaven van de Oudheidkundige Kring van het Land van Waas, 1, De rug is ernstig beschadigd, de rug vertoont enkele gaten, niet opgensneden‎

Logo ILAB
(CLAM, )

Phone number : +32(0)496 80 81 92

EUR99.00 (€99.00 )

‎Dirk VAN DE PERRE met medewerking van Marcel COCK, Ignace DE TEMMERMAN, Luc GEEROMS, Wenzel MERTENS, Luc ROBIJNS, Geert VAN BOCKSTAELE, Georges VANDE WINKEL, Wilfried VERNAEVE; ‎

Reference : 38151

‎ARCHITECTUUR VAN DE VERLICHTING. Jan Baptist Simoens en tijdgenoten in het Land van Aalst tweede helft achttiende eeuw‎

‎Oost - Vlaanderen, Provinciebestuur, 2011 Paperback onder kartonomslag geillustreerd in kleur, 165 x 240mm., 95pp., illustraties in kleur. ISBN 9789074311731.‎


‎Door zijn tijdgenoot Philippe Baert, secretaris van de Brusselse kunstacademie, werd Jan Baptist Simoens (1715-1779) als de belangrijkste Gentse architect uit de tweede helft van de 18de eeuw beschouwd. Het is de enige die is opgenomen in zijn Memoires sur les sculpteurs et architectes des Pays-Bas. In de 19de en 20ste eeuw is dat beeld geleidelijk aan afgebrokkeld. Recent onderzoek heeft echter aangewezen dat dit negatieve artistieke beeld van Simoens dient bijgesteld. Die ommekeer is vooral bewerkstelligd door de vondst van de korte biografische nota, die de neef van Simoens, August Bernaert, rond 1780 naar Baert opstuurde, vergezeld van een tekst getiteld Memorie nopende de wercken, een memorie die door Simoens zelf kort voor zijn dood is opgesteld. Omdat uit de nieuwe archiefgegevens over Simoens bleek dat een aantal van zijn belangrijkste werken in het Land van Aalst gerealiseerd werden (abdijen van Geraardsbergen, Grimminge, Ninove en Sint-Martens-Lierde; kasteel van Leeuwergem) besloot het bestuur van de geschiedkundige vereniging Het Land van Aalst om een tentoonstelling aan zijn oeuvre in het Land van Aalst te wijden en daartoe verder opzoekingswerk te verrichten. Dit onderzoek brengt een schat van nieuwe gegevens aan het licht en voert ons terug naar Gent, naar het milieu van de Gentse Tekenacademie en naar de rol die Simoens daar gespeeld heeft. Simoens introduceerde er het classicisme. Het classicisme was bij uitstek de stijl die uitdrukking gaf aan de ideeen van de Verlichting. Het was de stijl die door het Oostenrijkse gouvernement in de Zuidelijke Nederlanden gepropageerd werd. Een samenvattende bewerking van dit onderzoek, met het accent op de illustraties, vormt het onderwerp van een nieuwe publicatie in de reekst Kleine Cultuurdgidsen, uitgegeven door het Provinciebestuur van Oost-Vlaanderen. ‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR10.00 (€10.00 )

‎VAN DER STIGHELEN, K. (ed.).‎

Reference : 25856

‎Munuscula amicorum. Contributions on Rubens and his Colleagues in Honour of Hans Vlieghe. 2 vols‎

‎Turnhout, Brepols, 2006 Hardback, original editor's jacket, english, german, french, dutch, 19x25 cm., VIII+688 pp., 190 x 250 mm. *fine condition! ISBN 9782503515663.‎


‎Pictura Nova PICT 10. Contents : I. A Tribute to Hans Vlieghe. II. Aspects of Rubens? Art. III. A Cabinet of Flemish Baroque Painting. Tabula gratulatoria. Index. Contents: I. A Tribute to Hans Vlieghe 1. Katlijne Van der Stighelen, Preface 2. Justus Müller Hofstede, Ad honorem viri doctissimi optimique collegae Hans Vlieghe 3. Katlijne Van der Stighelen, Bibliography of Hans Vlieghe 1960-2005 4. Prologue: David Freedberg, Why Connoisseurship matters II. Aspects of Rubens? Art II.1. Rubens: the Legend Revisited 1. Christine Göttler, Affectionate Gifts: Rubens?s Small Curiosities on Metallic Supports 2. Nils Büttner, Aristocracy and Noble Business. Some remarks on Rubens's financial affaires 3. Ulrich Heinen, ?con ogni fervore?. Liebe und Begierde in Rubens? Bibliothek, Leben und Werk 4. Elizabeth McGrath, Garlanding the Great Mother: Rubens, Jan Breughel and the celebration of Nature's fertility 5. Karolien De Clippel, ?Bacchanaal? of Vastenavond?: What?s in a name? Receptie en classificatie van Rubens? bacchische voorstellingen in de zeventiende eeuw 6. Carl Van de Velde, Rubens? brieven in het Nederlands 7. Filip Vermeylen, Cleopatra on the move. Rubens paintings sold at auction in Antwerp during the eigthteenth century 8. Frans Baudouin, Architecturale motieven op schilderijen van Rubens: enkele voorbeelden 9. Bernard Aikema, Rubens? ?meraviglia? II.2. Rubens: Paintings at the Easel, Drawings in the Chest 1. Cynthia Lawrence, Rubens and De Rincón in Valladolid: a reconsideration of the first Spanish sojourn and a new source for the Antwerp ?Raising of the Cross? 2. Anne-Marie Logan, A Noble Genoese Lady: by or attributed to Rubens? 3. Jeremy Wood, Rubens and Raphael: The designs for the tapestries in the Sistine Chapel 4. Justus Muller Hofstede, Rubens? ?Bethlehemitischer Kindermord? von ca 1610 5. Christopher Brown, Rubens' Coronation of Henri IV in Oxford 6. Kristin Lohse Belkin, ?La belle Hélène? and her Beauty Aids: A New Look at ?Het Pelsken? 7. Nora De Poorter, Verloren werk van De Crayer en Rubens van naderbij bekeken. De altaarschilderijen van de Brusselse Lieve-Vrouwebroeders 8. Ursula Härting, A Small Entertainment für King Charles II im Rubenshaus 9. Barbara Haeger, The Choir Screen at St. Michael?s Abbey in Antwerp: gateway to the heavenly Jerusalem III A Cabinet of Flemish Baroque Painting III.1. The Context of the Genius 1. Bert Timmermans, The Elite as Collectors and Middlemen in the Antwerp Art World of the Seventeenth Century 2. David Howarth, Charles I?s Spaniel? The Relation between Charles I and Anthony van Dyck reconsidered 3. Katlijne Van der Stighelen, Anton van Dyck en Zaventem: een apart verhaal over het ontstaan en nabestaan van twee enigmatische schilderijen 4. Fiona Healy, Vive l'Esprit. Sculpture as the Bearer of Meaning in Willem van Haecht's Art Cabinet 5. Nico Van Hout, Een stijltechnische analyse van de Rozenkransreeks in de Sint-Pauluskerk te Antwerpen 6. Koenraad Jonckheere, Wars van decorum. Het Laatste Avondmaal van Adriaen Thomasz Key: een uitgangspunt voor Rubens? 7. Jeffrey Muller, The Cult of St. Joannes Nepomucenus in the St. Jacob?s Church, Antwerp 8. Leo De Ren, ?Rubens hebben we al?. De Weense selectie uit de schilderijencollectie van Karel Alexander van Lotharingen III.2. The Genius of the Craftsman 1. Rudi Ekkart, Abraham de Vries, een Hollandse portrettist in Frankrijk en de Zuidelijke Nederlanden 2. Jan Muylle, Adriaen Brouwer beroofd op zee. De echo van een kunstenaarsanekdote? 3. Guy Delmarcel, De Antwerpse schilder Pieter van Lint(1609-1690) als ontwerper van wandtapijten. Een bijdrage 4. Joost Vander Auwera, Afgemeten, ingelijst en opgelijst. Kanttekeningen bij enkele aanvullingen op het oeuvre van Artus Wolffort (Antwerpen 1581-1641 ) 5. Arnout Balis, Venus en de Gratiën: een mythologisch schilderij van Justus van Egmont 6. Barbara Welzel, David Teniers II and Archduke Leopold Wilhelm 7. Ilja Veldman, Zuid-Nederlandse schilders in het fonds van prentuitgever Crispijn de Passe 8. Walter Liedtke, Toward a New Edition of Flemish Paintings in the Metropolitan Museum of Art Tabula gratulatoria‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR85.00 (€85.00 )

‎VAN DER STIGHELEN, K. (ed.).‎

Reference : 66867

‎Munuscula amicorum. Contributions on Rubens and his Colleagues in Honour of Hans Vlieghe. 2 vols.‎

‎Turnhout, Brepols, 2006 Hardback, original editor's jacket, english, german, french, dutch, 19x25 cm., VIII+688 pp., 190 x 250 mm. ***library stamps present on title page and spine ISBN 9782503515663.‎


‎Pictura Nova PICT 10. Contents : I. A Tribute to Hans Vlieghe. II. Aspects of Rubens Art. III. A Cabinet of Flemish Baroque Painting. Tabula gratulatoria. Index. Contents: I. A Tribute to Hans Vlieghe 1. Katlijne Van der Stighelen, Preface 2. Justus Müller Hofstede, Ad honorem viri doctissimi optimique collegae Hans Vlieghe 3. Katlijne Van der Stighelen, Bibliography of Hans Vlieghe 1960-2005 4. Prologue: David Freedberg, Why Connoisseurship matters II. Aspects of Rubens? Art II.1. Rubens: the Legend Revisited 1. Christine Göttler, Affectionate Gifts: Rubens?s Small Curiosities on Metallic Supports 2. Nils Büttner, Aristocracy and Noble Business. Some remarks on Rubens's financial affaires 3. Ulrich Heinen, ?con ogni fervore?. Liebe und Begierde in Rubens? Bibliothek, Leben und Werk 4. Elizabeth McGrath, Garlanding the Great Mother: Rubens, Jan Breughel and the celebration of Nature's fertility 5. Karolien De Clippel, ?Bacchanaal? of Vastenavond?: What?s in a name? Receptie en classificatie van Rubens? bacchische voorstellingen in de zeventiende eeuw 6. Carl Van de Velde, Rubens? brieven in het Nederlands 7. Filip Vermeylen, Cleopatra on the move. Rubens paintings sold at auction in Antwerp during the eigthteenth century 8. Frans Baudouin, Architecturale motieven op schilderijen van Rubens: enkele voorbeelden 9. Bernard Aikema, Rubens? ?meraviglia? II.2. Rubens: Paintings at the Easel, Drawings in the Chest 1. Cynthia Lawrence, Rubens and De Rincón in Valladolid: a reconsideration of the first Spanish sojourn and a new source for the Antwerp ?Raising of the Cross? 2. Anne-Marie Logan, A Noble Genoese Lady: by or attributed to Rubens? 3. Jeremy Wood, Rubens and Raphael: The designs for the tapestries in the Sistine Chapel 4. Justus Muller Hofstede, Rubens? ?Bethlehemitischer Kindermord? von ca 1610 5. Christopher Brown, Rubens' Coronation of Henri IV in Oxford 6. Kristin Lohse Belkin, ?La belle Hélène? and her Beauty Aids: A New Look at ?Het Pelsken? 7. Nora De Poorter, Verloren werk van De Crayer en Rubens van naderbij bekeken. De altaarschilderijen van de Brusselse Lieve-Vrouwebroeders 8. Ursula Härting, A Small Entertainment für King Charles II im Rubenshaus 9. Barbara Haeger, The Choir Screen at St. Michael?s Abbey in Antwerp: gateway to the heavenly Jerusalem III A Cabinet of Flemish Baroque Painting III.1. The Context of the Genius 1. Bert Timmermans, The Elite as Collectors and Middlemen in the Antwerp Art World of the Seventeenth Century 2. David Howarth, Charles I?s Spaniel? The Relation between Charles I and Anthony van Dyck reconsidered 3. Katlijne Van der Stighelen, Anton van Dyck en Zaventem: een apart verhaal over het ontstaan en nabestaan van twee enigmatische schilderijen 4. Fiona Healy, Vive l'Esprit. Sculpture as the Bearer of Meaning in Willem van Haecht's Art Cabinet 5. Nico Van Hout, Een stijltechnische analyse van de Rozenkransreeks in de Sint-Pauluskerk te Antwerpen 6. Koenraad Jonckheere, Wars van decorum. Het Laatste Avondmaal van Adriaen Thomasz Key: een uitgangspunt voor Rubens? 7. Jeffrey Muller, The Cult of St. Joannes Nepomucenus in the St. Jacob?s Church, Antwerp 8. Leo De Ren, ?Rubens hebben we al?. De Weense selectie uit de schilderijencollectie van Karel Alexander van Lotharingen III.2. The Genius of the Craftsman 1. Rudi Ekkart, Abraham de Vries, een Hollandse portrettist in Frankrijk en de Zuidelijke Nederlanden 2. Jan Muylle, Adriaen Brouwer beroofd op zee. De echo van een kunstenaarsanekdote? 3. Guy Delmarcel, De Antwerpse schilder Pieter van Lint(1609-1690) als ontwerper van wandtapijten. Een bijdrage 4. Joost Vander Auwera, Afgemeten, ingelijst en opgelijst. Kanttekeningen bij enkele aanvullingen op het oeuvre van Artus Wolffort (Antwerpen 1581-1641 ) 5. Arnout Balis, Venus en de Gratiën: een mythologisch schilderij van Justus van Egmont 6. Barbara Welzel, David Teniers II and Archduke Leopold Wilhelm 7. Ilja Veldman, Zuid-Nederlandse schilders in het fonds van prentuitgever Crispijn de Passe 8. Walter Liedtke, Toward a New Edition of Flemish Paintings in the Metropolitan Museum of Art Tabula gratulatoria‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR65.00 (€65.00 )

‎Lieke van Deinsen, Bert Schepers, Marjan Sterckx, Hans Vlieghe, Bert Watteeuw (eds)‎

Reference : 65276

‎Campaspe Talks Back. Women Who Made a Difference in Early Modern Art‎

‎, Brepols, 2024 Hardback, 436 pages, Size:230 x 280 mm, Illustrations:10 b/w, 196 col., 2 tables b/w., Language: English.*New. ISBN 9782503613055.‎


‎Summary With forty-three contributions this book pays homage to Katlijne Van der Stighelen, who has shown exceptional range in her own contributions to the history of art in the Southern Netherlands and beyond. With monographs on Peter Paul Rubens and Anthony van Dyck, she has considerably expanded scholarship on canonical artists. Yet early on, a catalogue raisonné of the portraits of the lesser-known Cornelis de Vos revealed that Van der Stighelen was not one to preserve the status quo but to challenge it. Mindful of protagonists and their historiographical pull, she has consistently rehabilitated artists relegated to the background, in some cases by single-handedly saving them from total oblivion and - remarkable feat - having them added to the canon. Portraiture, supposedly a sijd-wegh der consten, was paved into a central avenue of inquiry in Van der Stighelen's work. Her approach to the genre made it into a pathway for the introduction of women artists. What was a sijd-wegh became a zij-weg. From seminal publications on Anna-Maria van Schurman to revelatory exhibitions on Michaelina Wautier, Van der Stighelen's particular brand of feminism has impacted scholarship as deeply as it has touched the museum-going public. Women and portraiture are the core themes of the essays assembled in this book. The resulting group portrait is crowded and rambunctious and reflects the varied subject matter that has attracted Van der Stighelen's professional attention. It also paints a partial portrait of the community of scholars that she has so generously fostered. In trying to summarize the motivations of authors to contribute to this volume or the gratitude of generations of art historians trained by her, it is best to quote the title of the first exhibition on women artists in Belgium and The Netherlands, which Van der Stighelen curated in 1999: Elck zijn waerom. TABLE OF CONTENTS Introduction Campaspe, Apelles, and Alexander the Great Hans Vlieghe, Katlijne: Portrait of an Art Historian I: Sitters & Subjects Barbara Baert, Cutting the Gaze: Salome in Andrea Solario's Oeuvre (c. 1465-1524) Nils Büttner, Rubens, the Capaio Ladies, and Their Niece Hans Cools, Why Margaret of Parma Should Make It to the Next Version of the Flemish Canon Liesbeth De Belie, Concerning Orbs and the Value of a Destroyed Portrait Guy Delmarcel, The Virtuous Women of the Bible: A Series of Baroque Tapestries from Bruges and Their Mysteries Gerlinde Gruber, Brave (if Brazen) Women: Spartans, not Amazons, by Otto van Veen (1556-1629) Karen Hearn, Portrait of a Poisoner? An Early Seventeenth-Century British Female Portrait Reconsidered Fiona Healy, Sacred History Imitating Real Life: How a Curious Portrayal of the Birth of the Virgin Reflects Childbirth Practices in the Early Modern Period Koenraad Jonckheere, Rubens's Verwe: Head Studies and Complexion Elizabeth McGrath, The Girls in Rubens's Allegory of Peace Hubert Meeus, Judith's Maid Bert Schepers, Lifting the Veil on Justus van Egmont (1602-1674): On Cleopatra Approaching Alexandria and Some Other Newly Identified Designs for Tapestries Lieke van Deinsen, The Voiceless Virgin and the Speaking Likeness: Anna Maria van Schurman's Portrait as a Labadist Hans Vlieghe, Portrait of a Young Woman in Triplicate: On a 'Rubensian' Head Study II: Artists & Artisans Rudy Jos Beerens, Unravelling the Story of Jannetje Laurensd. Wouters (c. 1640-1722), Tapitsierster Ralph Dekoninck, Pausias and Glycera by Rubens and Beert: Amorous Emulation and/or Mimetic Rivalry Kirsten Derks, Leaving Her Mark: Michaelina Wautier's Signing Practice Inez De Prekel, Female Artists and Artisans in the Antwerp Guild of St Luke, 1629-1719 Ad Leerintveld, Constantijn Huygens and Louise Hollandine, Princess of the Palatinate, or How High a Highness Could Rise in the Arts Fred G. Meijer, All in the Family: A Previously Unrecorded Landscape Painter: Catrina Tieling, 1670-? Judith Noorman, 'Elck heeft sijn eijgen pop': Dollmaker Drawings by Leonart Bramer and Dolls as Indicators of Class and Identity Anna Orlando, Sofonisba and van Dyck: A Matter of Style Marjan Sterckx, Talent and Sentiment: A Portrait of the Artist Marie-Anne Collot (1748-1821) as a Young Woman Jan Van der Stock, Women Who Stood Their Ground in the Guild of St Luke at the Beginning of Antwerp's 'Golden Age', 1453-1552 Francisca van Vloten, From 'Russian Rembrandt' to 'Baronin' and 'Nonna': Marianne von Werefkin (1860-1938), Evolution and Appreciation Wendy Wiertz, Craft, Gender, and Humanitarian Aid: The Representation of Belgian Lacemakers in the Era of World War I Beatrijs Wolters van der Wey, Catharina Pepyn, Rising Star III: Partners & Patrons Rudi Ekkart and Claire van den Donk, In the Lead: Another Look at the Role of Women in Seventeenth-Century Family Portraits Valerie Herremans, Arte et Marte: Countess Maria-Anna Mulert-van den Tympel and Ian-Christiaen Hansche's Pioneering Stucco Ceilings in Horst Castle (1655) Corina Kleinert, Hidden in the Footnotes: The Collection of Anna-Isabella van den Berghe, 1677-1754 Hannelore Magnus, 'Periculum in Mora': Frans Langhemans the Younger (1661-c.1720) and the Scandalous Elopement of Maria Cecilia de Wille Volker Manuth and Marieke de Winkel, The Marital Misfortunes and Messy Divorce of a Mennonite Woman: Catharina Hoogsaet Sarah Joan Moran, Court Beguinage Mistresses as Art Curators Erik Muls, Isabella and Catharina Ondermarck: Spiritual Daughters on a Mission Eric Jan Sluijter, Rembrandt's Saskia Laughing (1633): The Affect and Effect of Reciprocal Love Bert Timmermans, Art Patronage in an Unequal Playing Field: Women's Convents during the Building Boom of the Antwerp 'Invasion Conventuelle' Ben van Beneden, A Flemish Shepherd for Amalia? Some Thoughts on a Newly Discovered Painting by Thomas Willeboirts Bosschaert Carla van de Puttelaar, Marriage in Painting: Painterly Collaborations between Juriaan Pool and Rachel Ruysch and a Newly Discovered Portrait of a Girl Martine van Elk, 'The Name Gives Lustre': Anna Maria van Schurman's Glass Engravings Bert Watteeuw and Klara Alen, Dealing with Helena Jeremy Wood, In the Shadow of the 'Proud Duke'? Elizabeth Percy, Duchess of Somerset (1667-1722), as Patron Lara Yeager-Crasselt, Painting Margherita: Louis Cousin and Flemish Portraiture in Seventeenth-Century Italy Leen Huet, Epilogue: Reading between the Lines, Reading between the Brushstrokes - Two letters Bibliography of Katlijne Van der Stighelen, Compiled by Lies De Strooper and Koen Brosens‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR125.00 (€125.00 )

‎Stefaan Hautekeete, avec la collaboration de Stijn Alsteens, Virginie D'haene, Sarah Van Ooteghem et al.‎

Reference : 62847

‎VAN BRUEGEL TOT RUBENS MEESTERTEKENINGEN uit de verzameling van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België‎

‎, Artha. Art & Heritage, 2024 HB, 290 x 235 mm, 304 pages, 290 illustraties, NL edition. ISBN 9789464368192.‎


‎Van Bruegel tot Rubens. Meestertekeningen uit de verzameling van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België toont aan de hand van een weloverwogen selectie een fraai en representatief overzicht van twee eeuwen tekenkunst in de Nederlanden. Bladen van begenadigde tekenaars zoals Pieter Bruegel de Oude, Cornelis Massijs, Lambert Lombard, Frans Floris, Hans Bol, Maerten de Vos, Johannes Stradanus, Otto van Veen, Lucas van Uden, Peter Paul Rubens, Jacques Jordaens, Jan Breughel de Oude, David Teniers of Frans Snijders zijn kunstwerken op zich maar illustreren ook de verschillende functies die tekeningen kunnen hebben. De keuze omvat immers zowel oefenbladen en kopieën naar grootmeesters uit het verleden, gemaakt door aankomende kunstenaars tijdens hun opleiding, als studies van de menselijke anatomie, van houdingen en gelaatsuitdrukkingen die situeren zijn in het ontstaansproces van schilderijen, maar evenzeer uitgewerkte modellen voor een volledige compositie - schilderijen, wandtapijten of glasramen -, en ten slotte zelfstandige tekeningen, die kunstenaars maakten voor opdrachtgevers, voor bevriende collega's, of om te verkopen als autonoom kunstwerk. Kroonjuweel is het wereldvermaarde, vroeg 16de-eeuwse Errera-tekeningenboek van een onbekende grootmeester op wiens identiteit dit boek een nieuw licht werpt. Van Bruegel tot Rubens laat zien hoe de veelal ongekende en zelden getoonde schat aan tekeningen van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België een staalkaart vormt van de Vlaamse tekenkunst van de 16de en de 17de eeuw. Dit boek is het vijfde en laatste deel, en tevens de bekroning, van een reeks publicaties over de tekeningenverzameling van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR40.00 (€40.00 )

‎KEUREMENNE Ernestus de [= pseud. van VAN DEN ELSKEN Jan Jozef]‎

Reference : B93794

(1788)

‎Versamelinge der brieven van den heere Keuremenne Aen de Heeren Theologanten van de Seminarien van Gend, Brugge, Ipren etc. over het soogenaemt Seminarie-Generael, waer in ontdeckt worden alle de heymelyke geschiedenisse voorgevallen ten dien opzigte [2 volumes]‎

‎Trier [Brussel, Rome], by Pluckhaen van Lier s.d. [1788-1790] 2 delen, Deel I: 14 + 22 + 236 + 3 + 198 + 28 + 16 + 13 + 15pp. geïllustreerd met gravures binen en buiten tekst waarvan enkele uitvouwbare (volledig), Deel II: [119-148] + 40 + 40 + 48 + 170 [i.e. 210] + 214pp. geïllustreerd met gravures waarvan enkele uitvouwbare, 22cm., "Sevensten druk", uniforme gecart. banden met lederen ruggen met wat gewone gebruiksslijtage, goede staat, Convoluut van zeldzame kritische pamfletten door Jan Jozef Van den Elsken tegen het onderwijs van het Seminarie-Generaal opgericht door Jozef II in 1786, Volledig met alle kopergravures (allegoriën of spotprenten), [INHOUD: DEEL I: Eerste brief (14pp.), Tweede brief (22pp.), Derde brief (26pp.), Vierde brief (pp.27-104), Vijfde brief (pp.105-164), Zesde brief (pp.165-188), Brief.. aan den zeer geleerden heer Joan. B.L. Boulez van Wareghem etc. (pp.189-236), Copye uit eenen brief van Geeraertsbergen (3pp.), Sevenste brief (198pp.), Staat van het seminarie generael van Weenen en een beschryf van den Staat van Duytsland aangaande de Religie (28pp.), Brief van Sincerus Tout-Droit aen d'heer Ernestus de Keuremenne (16pp.), Copye van eenen brief uyt Loven van den 15 meert 1789 aen d'heer Ernestus door Petrus Jacobus Ecke de Queppe-Qui (13pp.), Verhael van de manire hoe den pensionaris van Schel, de Cock, Reniers en den Borgemeester Beekman du Vieusart, de Staeten hebben mynen te verlyden den 22 Jan. 1789 (15pp.). DEEL II: Vervolg van de zevende brief (pp.119-148), Copye van een brief heden toegesonden aan den wyt vermaerden Heer Boulez etc. (40pp.), Omstandig verhaal van den injurieuse gevangenisse van den E.H. J.J. Vanden Elsken op den 14 junius MDCCLXXXIX voorgevallen buyten en des selfs ontzet binnen de stad Sint-Truyden (40pp.), Waere grond-regels van de constitutie der catholyke Kerke etc. (46pp.), Versamelinge van verscheyde stukken (170pp.), Versamelinge van cretieke stukken (214pp.)], B93794‎


Phone number : +32476917667

EUR600.00 (€600.00 )

‎Mark Nieuwenhuis Anonymus, Nigel van Canterbury‎

Reference : 62219

‎Dierenverhalen ter lering en vermaak; Ecbasis cuiusdam captivi en Speculum stultorum Minder bekende middeleeuwse dierengedichten uit de Latijnse traditie, geschreven door en voor monniken uit de benedictijnse kloosterwereld.‎

‎, Brepols, 2023 Hardcover Pages: vi + 339 pages, Size:160 x 240 mm, Language; Dutch. ISBN 9782503607825.‎


‎Van den vos Reynaerde, een middeleeuwse klassieker in de Nederlandse letteren, staat in een lange traditie van dierengedichten, waar ook de Franse Roman de Renart en de Latijnse Ysengrimus, het geniale dierenepos uit de Gentse Sint-Pietersabdij, toe behoren. In deze studie zijn twee minder bekende dierengedichten uit de Latijnse traditie gebundeld, geschreven door en voor monniken uit de benedictijnse kloosterwereld. De Ecbasis cuiusdam captivi per tropologiam - De ontsnapping van een gevangene, in figuurlijke zin -, een ongehoord werk aldus de dichter, vertelt het verhaal van een kalf dat op de vooravond van Pasen uit zijn stal ontsnapt en verdwaalt in het bos. De tekst, die bol staat van zowel serieuze als ironische citaten en allusies, laat zich lezen als het tegelijk allegorische en autobiografische werk van een monnik die, gevangen in luiheid, zijn slechte gewoontes van zich af schrijft in een fictioneel gedicht. Zoals zijn geliefde Horatius het in de veelvuldig geciteerde Ars poetica voorschreef, verenigde hij in zijn dichtwerk voor literaire fijnproevers het nuttige (bezigheidstherapie en een stichtelijk verhaal tegen de achtergrond van Pasen) met het aangename (vermaak voor zijn medebroeders ter gelegenheid van het Paasfeest en het vreugdevolle einde van de vasten) in een unieke mengelmoes van autobiografie, fabel, satire en paasverhaal. Aan het eind van de twaalfde eeuw, in Engeland, schreef Nigel van Canterbury zijn Speculum stultorum (Spiegel voor dwazen), een omvangrijke satire in de vorm van een dierengedicht vol maatschappijkritiek: de paus, koningen, bisschoppen, monniken, nonnen, kooplieden, studenten, boeren ? alle standen, van hoog tot laag, krijgen er van langs. De anti-held van dit verhaal is een domme ezel die van het ene ongeluk naar het andere blundert, mislukkingen en gefnuikte ambities aan elkaar rijgt en uiteindelijk dezelfde dwaas is die hij altijd al was, maar deze harde les moet bekopen met het verlies van zijn staart en oren.I. Ecbasis cuiusdam captivi - De ontsnapping van een gevangene: vertaling II. Nigel van Canterbury, Speculum stultorum - Een spiegel voor dwazen: vertaling III. Een brief van Nigel aan Willem van Longchamps: vertaling IV. Toelichting 1. De voorgeschiedenis van het Latijnse dierenepos 2. De ontsnapping van een gevangene: proloog, de buitenfabel, de binnenfabel, de Ecbasis als kloostertekst, de Ecbasis en de Ysengrimus 3. Een spiegel voor dwazen: inhoud, Nigels brief, de Speculum stultorum en de Ysengrimus 4. Van de middeleeuwse benedictijnse kloosterwereld naar de 20e eeuw ‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR60.00 (€60.00 )

‎ORDONNANTIE ALBERTINE 1771 met aanvullingen in druk en manuscript - Gilde van den Ouden Handboog :‎

Reference : 12014

‎Ordonnantie Albertine van 15 January 1618 op de Policie ende Administratie van de goederen ende inne-komen der Stadt Antwerpen, ende het ghene daer af dependeert. mitsgaders de voordere Reglementen desaengaende posterieurlyck geëmaneert, hier by gevoeght de Reglementen raeckende het bestier van de Breede-Raeden.‎

‎" Antwerpen, Grangé, 1771, in-4°, 20 x 15 cm, titel +(1)(bl) + (5)+(1)(bl)+147pp halflederen band uit de tijd met kleine beschadigingen. BIJGEBONDEN; 1) Reglement van den 17 Oct. 1654, met reglement van den 24. November1752, 49 pp. 2) Reglement van den 9.December 1755, 12 pp. 3) Eerste Plan van accordt ende Reglement tusschen de Heeren Borgemeesters...der Stadt Antwerpen, ende de Credirentieren ...4) Tweede Plan van accordt...der soo genaemde Casse van Reductie (1740, Wed. Jouret), 3 pp. 5) (Ordonnantie van Keizer Karel, Brussel 2 december 1739) betreffende de Casse van Reductie, Wed. Jouret, 6 pp.Reglement (van keizerin Maria Theresia van 29 mei 1756), betreffende de verplichting van notarissen om hun protocollen, inventarissen en akten te deponeren, Antwerpen, wed. Jouret, 1757,8 pp. Extracten in manuscript van de placaertboeck berustende ter secretarije (van Antwerpen), 65 pp (enkele blank), (ordonnanties, placaeten e.d. van 1757 tot 1773). (Achteraan, na ca. 100 blanke pp ); De gagien van den commis des rentmeesters, in manuscript, 2 pp. Een nota van ca. 1/2 pp betreffende de schulden van de Gilde den oude handboghe. Laat 18e-eeuwse compilatie van juridische teksten die betrekking hebben op het bestuur van Antwerpen. De samenstelling van de teksten wijst op iemand met een bestuurlijke en/of financiële functie (rentmeester) die misschien ook verbonden was met de Gilde van den Ouden Handboog. Op pp40-42 worden ook enkele decreten gekopiëerd van Karel van Lorreinen betreffende de ''Academie Royale de Peinture et de Sculpture''."‎


Phone number : 0032 496 381 439

EUR450.00 (€450.00 )

‎Paul van Ostaijen‎

Reference : 60528

‎Gebruiksaanwijzing der lyriek‎

‎, Vrije Uitgevers, De, 2012 Paperback, 64 pag. NL, 200 x 110 mm, in prima staat. ISBN 9789079020157.‎


‎Er zijn weinig poëticale teksten die bijna een eeuw na hun eerste verschijnen nog zoveel waarde blijken te hebben als Paul van Ostaijens 'Gebruiksaanwijzing der lyriek'. Vraag een dichter vandaag de dag naar zijn opvattingen over poëzie en je zult er veel elementen in aantreffen die ook al voorkomen in de lezing die Van Ostaijen eind 1925 en begin 1926 in Brussel en Antwerpen hield en die hij in april 1927 publiceerde in Vlaamse Arbeid: 'Het onderwerp van het gedicht is het gedicht zelve'; 'Het is door de mededeling van onbekende resonansen dat de dichter nieuw is en ons de dingen toont als splinternieuwe munt'; 'Vertrekpunt [...] van een gedicht kan aldus alleen zijn een zuiver lyries gebeuren, b.v. dat de dichter [...] van een voorstelling zulke lyriese ervaring behoudt dat hij [...] zijn gedicht organies ontwikkelt'. Het zijn uitspraken die ook nu niet zouden misstaan in een dichterlijke poëtica. Behalve zeer waardevol is Van Ostaijens 'Gebruiksaanwijzing' tegenwoordig echter ook relatief moeilijk leesbaar. Dat komt deels doordat de Antwerpse dichter zich met opzet omslachtig en haast ambtelijk uitdrukte. Op die manier trachtte hij zijn klacht dat de poëzie door overheden en andere morele instanties in een afhankelijke rol was geduwd, door alleen aandacht aan haar te besteden als zij algemeen belang diende, op parodistische wijze kracht bij te zetten. Meer dan als een tekst was deze lezing aanvankelijk dan ook bedoeld als performance. Vandaar de circusachtige aanhef, gevolgd door een overrompelende en bewust onhandige poging om de poëzie te definiëren. Het was de bedoeling om de luisteraar de eerste minuten van de lezing te desoriënteren, maar op papier loopt de inleiding het gevaar om de lezer in datzelfde tijdsbestek voor zich te verliezen. Daarnaast wordt de leesbaarheid bemoeilijkt doordat de intellectuele voortvarendheid van Van Ostaijen niet altijd vergezeld ging van een taalbeheersing die tegen zijn ambities was opgewassen. Sommige van Van Ostaijens meest uitdagende teksten gaan helaas gebukt onder het feit dat zijn analytische vermogen vele malen groter was dan zijn vermogen om zich helder uit te drukken. Bovendien bevat de tekst talloze verwijzingen naar een poëticale onderstroom in de Vlaamse literatuur van het interbellum die voor de hedendaagse lezer nog maar moeilijk te plaatsen zijn. Op deze wijze begint Matthijs de Ridder zijn inleiding bij deze spraakmakende lezing van de Antwerpse dichter, een lezing die nog altijd actueel is en waarover in hoger onderwijs en universiteit nog altijd gedoceerd wordt. Dit begin zet de toon voor een fris, verduidelijkend essay dat de historische en literaire context belicht en duistere passages verheldert in klare taal. De uitvoerige annotaties maken de tekst toegankelijk voor een publiek zonder al te veel leeservaring maar ze bieden ook de kenner nieuwe inzichten. Huis Clos zag het als 'een opdracht' Gebruiksaanwijzing der lyriek voor een nieuw publiek leesbaar te maken en het oude mee te nemen in een onverwacht verrassend leesavontuur. Auteur Matthijs de Ridder (1979) is verbonden aan het L.P. Boon-documentatiecentrum en doceert aan de universiteit van Antwerpen, waar hij in mei 2009 promoveerde op het proefschrift Staatsgevaarlik! De activistische tegentraditie in de Vlaamse letteren 1912-1933. Hij publiceerde onder andere: Gaston Burssens, Alles is mogelijk in een gedicht. Verzamelde verzen 1914-1965 ( Meulenhoff/Manteau 2005), Aan Borms. Willem Elsschot een politiek schrijver (Meulenhoff/Manteau 2007) en Ouverture 1912. Literatuur en Vlaamse Beweging aan de vooravond van de Grote Oorlog (AMVC-Letterenhuis 2008). De Ridder was editeur van Paul van Ostaijens De bankroet jazz, co-auteur van de opstellenbundel De trust der vaderlandsliefde. Over literatuur en Vlaamse Beweging 1890-1940, en Ossenspier en suikerbonen, culinaire anthologie van de Vlaamse Beweging, co-editeur van de brievenuitgave Wanneer van u nog eens een minne-briefje en van de tekstuitgave Als vrouwen beminnen, waarvoor hij ook het nawoord verzorgde. Hij is mede-oprichter en redacteur van De Reactor, platform voor literaire kritiek en nY, tijdschrift voor literatuur, kritiek en amusement. Eind september verscheen Rebelse ritmes. Jazz&literatuur.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR10.00 (€10.00 )

‎Sven Van Dorst, Catheline Périer-d'Ieteren, Till-Holger Borchert, ‎

Reference : 57651

‎ZOT VAN DIMPNA, Acht Panelen vol Passie, Lef en Rebellie‎

‎, Hannibal Publishing, 2021 HB++, 290 x 250 mm, 384 pages, NL edition. ISBN 9789463887410.‎


‎Het Dimpna-altaarstuk van Goossen Van der Weyden, kleinzoon van de beroemde Rogier, komt in primeur naar Geel. Op het hoogtepunt van de Dimpnacultus, creëert Van der Weyden het monumentale altaarstuk. The Phoebus Foundation onderwierp de panelen aan een uitgebreid restauratieproject van meer dan 3 jaar. Je ontdekt het unieke meesterwerk, de geheimen achter de lagen verf én een interactieve scenografie, die je onderdompelt in de buitengewone wereld van Dimpna. In de zevende eeuw verloor Dimpna, een Ierse prinses op de vlucht voor haar incestueuze vader, haar hoofd in het Kempische Geel. Door haar tragische einde en onverzettelijke kuisheid werd de prinses vanaf dat moment vereerd als patrones van de geesteszieken. Vanaf de hoge middeleeuwen trokken pelgrims massaal naar Geel om een glimp op te vangen van de heilige Dimpa en brachten ze hulde aan de plaatselijke beroemdheid in de hoop hun psychische problemen te verlichten. Ook vandaag staat Geel nog bekend omwille van zijn bijzondere omgang met geesteszieken, die er thuis bij de inwoners worden opgevangen. In de vroege zestiende eeuw deed de populariteit van de heilige Dimpna de abt van de abdij van Tongerlo besluiten een enorm altaarstuk te laten maken dat het levensverhaal van deze bijzondere heilige zou verbeelden. De opdracht kwam in handen van de Antwerpse schilder Goossen Van der Weyden, kleinzoon van Vlaamse Primitief Rogier, die in zijn eclectische stijl heel wat elementen van zijn grootvader overnam. Het resultaat van deze opdracht, het monumentale Dimpna-altaarstuk, werd recentelijk verworven door The Phoebus Foundation. De panelen werden gedurende drie jaar behandeld in het restauratieatelier van de Foundation. Het verbluffende resultaat leidde tot nieuwe inzichten over de ontstaansgeschiedenis van het altaarstuk, zijn maker en opdrachtgever, en over de cultus van de heilige Dimpna. Toonaangevende specialisten lieten hun licht schijnen over het altaarstuk en hun jarenlange onderzoek wordt nu gebundeld in deze luxueuze, rijk geïllustreerde publicatie. Met essays van Till-Holger Borchert (Musea Brugge), Stephan Kemperdick (Staatliche Museen, Berlijn), Katharina Van Cauteren (The Phoebus Foundation), Lucinda Timmermans (Rijksmuseum, Amsterdam), Patrick Allegaert (Museum Dr Guislain, Gent) en vele anderen. Vanaf maart 2020 zal The Phoebus Foundation het Dimpna-altaarstuk tentoonstellen in de Sint-Dimpnakerk van Geel. Daarna zal het vanaf juni te zien zijn in het Niguliste Museum van Tallinn.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR54.99 (€54.99 )

‎van Dievoet W.‎

Reference : 54527

‎Orfèvres de l'ancien régime au poinçon de Namur‎

‎, Peeters leuven,, 2020 softcover 112 pages ill. au poinçon de Namur. ISBN 9789042943384.‎


‎Orfèvres de l'ancien régime au poinçon de Namur L'étude des orfèvres de Namur de l'ancien régime est faite de la même façon que celle des orfèvres de Bruxelles, parue en 2019 (W. van Dievoet, Orfèvres de l'ancien régime au poinçon de Bruxelles). L'étude des orfèvres de Namur de l'ancien régime est faite de la mêmefaçon que celle des orfèvres de Bruxelles, parue en 2019 (W. van Dievoet, Orfèvres de l'ancien régime au poinçon de Bruxelles). Elle comprendtrois parties: 1) La première partie concerne la réglementation del'orfèvrerie visant à garantir le titre du métal précieux, à contrôler parle doyen et les jurés du métier. 2) La seconde partie décrit lespoinçons utilisés par le métier sur l'argenterie pour confirmer que lapièce a été essayée et qu'elle est conforme à la réglementation. À Namurl'année de l'essai ne figure sur les pièces qu'à partir de 1682. Elle estindiquée jusqu'en 1750 par période de quelques années et à partir de 1750année par année. Des photos des poinçons de garantie figurent dans lelivre. Le tableau de ces poinçons est presque complet à partir de 1682. Iln'en manque que trois. 3) La troisième partie comprend le registredes orfèvres connus avec, dans la mesure du possible: a) leséléments biographiques, tels que la naissance, le mariage et le décès, b) la carrière de l'orfèvre avec la date d'inscription comme apprenti,comme maître, ainsi que les fonctions éventuelles exercées dans le métier, c) quand il est connu, une photo du poinçon personnel de l'orfèvre. Des index chronologiques et alphabétiques des noms et des poinçonsdes orfèvres complètent l'ouvrage. Il s'agit donc d'un précieuxlivre de référence pour les musées et les collectionneurs d'argenterieancienne de Namur. De studie van de edelsmeden van Namen vanhet ancien régime is op dezelfde wijze gedaan als deze betreffendede edelsmeden van Brussel (W. van Dievoet, Edelsmeden van het ancienrégime met merken van Brussel), gepubliceerd in 2019. Ze omvat driedelen: 1) Het eerste deel betreft de reglementering van hetedelsmeedwerk met het doel het gehalte van het edelmetaal te waarborgen enhet te doen verifiëren door de deken en de gezworenen van het ambacht. 2) Het tweede deel beschrijft de stempels die door het ambacht op hetzilverwerk aangebracht werden om te bevestigen dat het stuk gekeurd werden dat het conform was met het reglement. Te Namen komt het jaar van dekeuring slechts voor op de stukken van na 1682 per periode van enkelejaren, en vanaf 1750 jaar per jaar tot 1793. Foto's van die keurmerkenstaan in het boek. De tabel is bijna volledig, op drie na. 3) Hetderde deel omvat het register van bekende zilversmeden met in de mate vanhet mogelijke: a) de biografische gegevens, zoals het jaar vangeboorte, huwelijk, en overlijden, b) de loopbaan van de zilversmid,met het jaar van zijn inschrijving als leerknaap, als meester-zilversmid,evenals zijn eventuele functies in het ambacht, c) de foto van zijnpersoonlijk merk. Chronologische en alfabetische indexen van denamen en merken van de edelsmeden vervolledigen het boek. Het boekis dus een waardevol naslagwerk voor musea en verzamelaars van antiekzilverwerk van Namen. ‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR44.99 (€44.99 )

‎VAN SAMBEEK, Erna en IBELINGS, Hans;‎

Reference : 25450

‎VAN SAMBEEK EN VAN VEEN ARCHITECTEN. VRIJHEID VAN ORDENING,‎

‎Rotterdam, NAi, 2005 Geillustreerde kartonomslag in kleur met flappen, 185 x 245mm., 368pp., zeer uitgebreide kleurillustratie. ISBN 9056623648.‎


‎Dit boek behandelt vooral de denk- en werkwijze van Van Sambeek en Van Veen Architecten. Hun projecten worden thematisch gepresenteerd aan de hand van zeven thema's die allemaal betrekking hebben op vormen van ordening die van belang zijn in het oeuvre van Erna van Sambeek en Rene van Veen: neutraliteit, exclusiviteit, familie, serialiteit, positie, interioriteit en tijd. Bij elk ontwerp stellen de architecten zich de vraag hoe de essentie van de opgave te vatten is in een combinatie van twee of meer van deze thema's. In het boek komt elk project daarom minstens twee keer voor, waarbij beeld en tekst telkens zijn toegesneden op het thema van het betreffende hoofdstuk. De ontwerpopvatting van Van Sambeek en Van Veen Architecten toont welke rijkdom architectuur kan verkrijgen door een consequente concentratie op de essenties, waarbij hoofd- en bijzaken op een heldere wijze worden gescheiden, en heeft daarmee onmiskenbaar een algemenere strekking. Boek in nieuwstaat. ‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR42.50 (€42.50 )

‎VAN DER WEE, Kristin en DE MAESSCHALK, Edward;‎

Reference : 27956

‎VLAANDEREN ONTMOET NEDERLAND. GESCHIEDENIS VAN DE ORDE VAN DEN PRINCE,‎

‎Tielt, Lannoo, 2005 softcover , 150 x 240mm., 480pp., z/w foto's. Als nieuw!! ISBN 9789020962888.‎


‎Dit boek brengt de boeiende geschiedenis van het genootschap dat zich tot doel stelde om Nederlandssprekenden te verenigen die zich met de Nederlandse cultuur en beschaving verbonden voelen en deze essentieel vinden voor de ontwikkeling van Vlaanderen en Nederland. Dit genootschap, genoemd naar Willem de Zwijger, prins van Oranje, is de grootste grensoverschrijdende culturele vereniging in de Lage Landen en brengt meer dan 3000 Vlamingen en Nederlanders samen. Verschijnt n.a.v. de 50ste verjaardag van de Orde die in september met veel luister gevierd zal worden. In 1955 stichtte Guido van Gheluwe, een jonge advocaat uit Kortrijk, een uiterst origineel genootschap met een eigen leefregel: De Orde van den Prince. De naam verwees naar Willem de Zwijger, die borg staat voor inzet en verdraagzaamheid. In de naoorlogse tijd van verzuiling, Belgisch triomfalisme en Vlaamse verdeeldheid, trokken de leden van de Orde in hun persoonlijk, gezins- en maatschappelijk leven ondubbelzinnig de kaart van het Nederlands. Zij deden dat evenwel in eigen naam, want het genootschap zelf nam geen standpunten in en voerde geen gemeenschappelijke actie. De Orde van den Prince fungeerde louter als een denktank, een inspiratiebron en een ontmoetingscentrum, niet enkel van alle mogelijke strekkingen, maar ook en vooral van Vlamingen en Nederlanders. Over de landsgrenzen heen bezonnen zij zich samen over hun identiteit, hun rol in de wereld en de positie van de Nederlandse taal en cultuur in het toekomstige Europa. De ontmoeting van mensen, de botsing van ideeen en de gestage uitbreiding van de Orde vormen een fascinerend en leerrijk verhaal, zeker voor al welk beleid voert of over de landsgrenzen heen wil samenwerken. De stichter kreeg immers ook wel af te rekenen met onenigheid in Vlaamse rangen, met onbegrip vanuit Nederland en zelfs met pogingen van het Belgische hof en de adel om het genootschap te recupereren. Echter, "point n?est besoin d?esperer pour entreprendre, ni de reussir pour perseverer", zo luidde het motto van de Zwijger. Tegen de verwachting van velen in, is de vereniging een succes geworden. Vandaag is de Orde van den Prince de grootste Vlaams-Nederlandse culturele vereniging in de Lage Landen met meer dan 3000 leden en bijna 100 afdelingen.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR12.00 (€12.00 )

‎Joris van Grieken, Jan Van der Stock, Maarten Bassens, Lieve Watteeuw e.‎

Reference : 52961

‎BRUEGEL IN ZWART EN WIT Het Complete Grafische Werk‎

‎Brussel, Royal Library of Belgium, / Hannibal, 2019 Hardcover, 300 x 270 mm, 288 pages, Nederlandstalig edition. ISBN 9789463887182.‎


‎Pieter Bruegel de Oude (1525/30-1569) is een van de beroemdste schilders van de Nederlanden. Hij is vooral bekend omwille van zijn schilderijen over het alledaagse boerenleven, maar daarnaast maakte hij ook uitzonderlijk grafisch werk, dat al in de zestiende eeuw internationaal gelauwerd werd. De Koninklijke Bibliotheek van België (KBR) voert al jarenlang onderzoek naar dat minder bekende werk van Bruegel en brengt nu voor het eerst de volledige prentencollectie samen in een tentoonstelling, ter gelegenheid van het Bruegel-jaar. De expo vindt plaats van 15 oktober 2019 tot en met 16 februari 2020 in het Paleis van Karel van Lotharingen in Brussel, dat voor deze gelegenheid opnieuw zijn deuren opent na een lange renovatie. Rond het midden van de zestiende eeuw werd Vlaanderen het internationale productie- en handelscentrum voor grafiek. Samen met zijn uitgever, Hieronymus Cock, speelde Bruegel een sleutelrol in deze bloeiperiode. De tentoonstelling focust op het unieke vakmanschap en de ondernemerskwaliteiten van beide heren en toont aan de hand van verschillende staten en edities het lange maakproces dat grafisch werk ondergaat, van ontwerptekening tot afgewerkte prent. De onderwerpen van Bruegels tekeningen en prenten zijn ontzettend rijk. Steeds weer roept hij imaginaire werelden op, bevolkt door zonderlinge figuren, en verrast hij de kijker met vele uitzonderlijke details. De luxueuze catalogus bij deze unieke tentoonstelling reproduceert de werken op ware grootte en geeft de lezers zo de kans om van heel dichtbij kennis te maken met de beroemde prenten van Bruegel. Gespecialiseerde kunsthistorici, verbonden aan de KU Leuven en de Koninklijke Bibliotheek, geven in vijf essays een boeiend inzicht in de fascinerende wereld van Bruegels grafische werk. Author Maarten Bassens is a curator at the Royal Library of Belgium in Brussels. Joris Van Grieken Author Joris Van Grieken is a curator at the Royal Library of Belgium in Brussels. Lieve Watteeuw Author Lieve Watteeuw is head of the Book Heritage Lab at the University of Leuven. Jan Van Der Stock Author Jan Van der Stock is a professor at the University of Leuven.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR55.00 (€55.00 )

‎Vincent Van Duysen, Julianne Moore, Helene Binet, Nicola di Battista.‎

Reference : 56894

‎Vincent Van Duysen Works 2009-2018. NL ed.‎

‎, Lannoo, 2018 Hardcover with dusjacket, HB, 297 x 232 mm, 320 pagina's , 300 illustrations. Nederlandstalig ISBN 9789401455787.‎


‎Vincent Van Duysen Verzameld werk van het laatste decennium van een van de meest gelauwerde architecten en designers van de afgelopen jaren Sinds de uitgave van zijn eerste monografie bevestigt Vincent Van Duysen zijn reputatie met een buitengewoon ruimtelijk meesterschap en uiterst verfijnde detaillering. Deze nieuwe uitgave vult aan met dertig van de meeste recente werken van de Belgische architect van het voorbije decennium. De meeste van deze projecten werden prachtig in beeld gebracht door de vermaarde fotografen Hélène Binet en François Halard. De gebouwen van de voorbije tien jaar omvatten een waaier aan elegante woningen in Europa, New York, Parijs en The Hamptons, alsook grootschalige commerciële en publieke projecten. Daarnaast bevat het boek ook product- en meubelontwerpen - kleinschalige getuigen van de nauwgezette aandachtvoor detail van de architect -, waaronder het interieur van een expeditiejacht en diverse objets décoratifs. Terwijl het woord vooraf werd geschreven door vriendin en Academy Award winnend actrice Julianne Moore, wordt deruimere context van Van Duysens bijdrage aan de hedendaagse architectuur geschetst door architect Nicola di Battista en architectuurcriticus Marc Dubois. Een geïllustreerde chronologie biedt een volledig overzicht van de recente projecten van de architect. Van Duysen heeft een reputatie verworven als een van 's werelds meest verfijnde en kunstzinnige architecten. Deze indrukwekkende publicatie zal zijn compromisloze toewijding aan de creatie van tijdloze plaatsenen ruimtes verder versterken.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR49.99 (€49.99 )

‎Jan-M. Goris, L. C. van Dyck, Herman van der Haegen‎

Reference : 57315

‎ Een kaartboek van de Abdij Tongerlo 1665-1794‎

‎, Algemeen Rijksarchief 2001, 2001 Hardcover, 238 pagina's, Nederlands, 345 x 250 mm, Nieuw, met illustraties in kleur en z/w,.‎


‎Het is een prachtig kunstboek. Naast inleidende en verklarende teksten van J.-M. Goris, L.C. Van Dyck en H. Van der Haegen omvat het circa 240 pagina's kleurplaten, een plaatsnamen- en zakenregister, alsmede uitvoerige bijlagen. De gepubliceerde kaarten zijn de interessantste en mooiste exemplaren die aanwezig zijn in het rijke kaartenarchief van de abdij. De hier gepresenteerde kaarten hebben zowel betrekking op de hoeven, die met hun percelen en bodemgebruik worden weergegeven, als op dorpsvormen, op de ontginning van de heide, molens, wippen, schansen, staakkapellen, stadswallen en stadspoorten. Meer in het bijzonder omvat het kaartboek een verzameling van unieke en in vele gevallen onbekende documenten zoals een prachtig beeld van een turfontginning, van een schuurkerk, van de kuip van Herentals, van de doelen der Geelse schutters en van de Franse Linie. Het kaartboek lokaliseert verder een aanzienlijk aantal oude schansen en verdwenen pleinen. Met andere woorden, allerlei levensfacetten die in de 17de en 18de eeuw relevant waren voor de Kempen en die het toenmalige en gedeeltelijk ook het hedendaagse landschap vorm geven, worden in hun rijke variatie getoond. Dit kaartboek omvat overigens niet alleen kaarten van de Kempen, maar aanvullend zijn ook een aantal documenten opgenomen van Noord-Brabant, het Hageland en Haspengouw. Tenslotte omvat dit boek ruim 50 mooie, speciaal voor deze publicatie genomen foto's van hoeven, kerken en pastorieen uit de provincies Antwerpen, Noord-Brabant, Vlaams- en Waals-Brabant die elk getuigen van het doorwerken van het verleden van Tongerlo tot in de hedendaagse wereld. Tongerlo, eens de belangrijkste abdij der Nederlanden, bezat op het einde van de 18de eeuw nog meer dan 3.500 ha gronden met behorende opstallen. Het is daarom begrijpelijk dat in dit kaartboek vele plaatsen met kaarten vertegenwoordigd zijn. Dit betreft onder meer: Aarschot, Alphen, Bertenheide, Brecht, Broechem, Broekhoven, Chaam, Diest, Duffel, Eindhout, Eindhoutham, Ekstervoort, Emblem, Essen, Ezaart, Geel, Gelendel, Goetsenhoven, Goirle, Grobbendonk, Gunningen, Hakendover, Herentals, Herselt, Heultje, Hezewijk, Hoegaarden, Huijbergen, Hulshout, Kalmthout, Kapellen, Keerbergen, Laar, Lichtaart, Lier, Maret, Meerhout, Millegem, Mol, Molenstede-Schaffen, Morkhoven, Nieuwmoer, Nieuwer-Kapellen, Nijlen, Nispen, Noorderwijk, Oelegem, Oevel, Olen, Oosterlo, Oplinter, Orp-le-grand, Orp-le-Petit, Oud-Turnhout, Outgaarden, Overwinden, Putte, Ravels, Retie, Roosendaal, Scherpenheuvel, Schoonbroek, Schriek, Stelen, Testelt, Teteringen, Tongerlo, Turnhout, Veerle, Viersel, Vissenaken, Vorselaar, Vorst, Weelde, Werbeek, Westerlo, Westmeerbeek, Wiekevorst, Zammel, Zetrud-Lumay, Zoerle-Parwijs.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR48.35 (€48.35 )

‎Arjan den Boer, Bart van Hoek, Martijn Haan, Martjan Kuit, Teun Meurs‎

Reference : 61768

‎Bruut | Atlas van het brutalisme in Nederland‎

‎, WBooks, 2023 Hardcover, 320 pag. NL, 295 x 250 mm, 402 afbeeldingen in kleur en zwart-wit, Nieuw. ISBN 9789462585379.‎


‎Smaken verschillen, ook als het om gebouwen gaat en zeker wanneer die gebouwen gemaakt zijn van beton, heel veel beton. De een vindt het sculpturaal en imposant, de ander lomp en intimiderend. Terwijl het ene gebouw de monumentenstatus verwerft, wordt het andere gesloopt. De makers van BRUUT ? atlas van het brutalisme in Nederland gaat er niets boven het brutalisme. Dit boek is dan ook een ode aan misschien wel de meest verguisde bouwstijl. De makers van BRUUT, Arjan den Boer, Martijn Haan, Bart van Hoek, Martjan Kuit en Teun Meurs, vonden elkaar in hun gedeelde voorliefde voor het brutalisme. En ze zijn daarmee niet de enigen. De waardering van de bouwstijl beleeft wereldwijd een renaissance. Lange tijd was de sloophamer de meest voor de hand liggende optie voor ?die lelijke betonnen monsters?, tegenwoordig wordt dit erfgoed uit de jaren vijftig tot tachtig steeds vaker getransformeerd of gerevitaliseerd. Bruut is een eerste inventarisatie van de honderd ?bruutste? gebouwen van Nederland, met extra aandacht voor de top 20. Themateksten bespreken de soorten gebouwen waarin de architectuurstijl werd toegepast. En de belangrijkste architecten van het brutalisme krijgen een portret: Ben Ingwersen, Hugh Maaskant, Sier van Rhijn, Piet Zanstra, Jo van den Broek en Jaap Bakema. Zij vonden inspiratie bij de Frans-Zwitserse architect Le Corbusier, de godfather van het brutalisme. Le Corbusier ontwierp de l?Unité d?Habitation (1952), een iconische woonflat in Marseille, en de kapel Notre Dame du Haut in Ronchamp in béton brut: ruw, onafgewerkt beton. Het materiaal zou een belangrijk stijlkenmerk worden van het brutalisme. In Nederland kennen we bijvoorbeeld de markante Aula van de TU Delft, het Eerste Christelijke LTS Patrimonium in Amsterdam, maar ook het Provinciehuis van Noord-Brabant en het NS-station in Doetinchem danken hun karakteristieken aan de uitgangspunten van de bouwstijl. BRUUT breekt een lans voor het architectonisch erfgoed, zodat de waardering groeit en de dreiging van sloop vermindert. Zodat de ?bruutste? gebouwen van Nederland, van school tot kerk, van winkel tot waterkering, van kantoor tot woonhuis, niet meer over het hoofd gezien worden. Daarvoor is alles uit de kast gehaald: eerlijke beschrijvingen, prachtige foto?s, en een afwerking geheel in stijl.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR59.99 (€59.99 )

‎Hilde Van Crombrugge en Paul Van den Bremt‎

Reference : 53682

‎Op zoek naar het paradijs. Flora op het Lam Gods. / A la recherche du paradis. La flore sur l'agneau mystique / in search of paradise, Flora on the Ghent Altarpiece. Een wonderbaarlijke tuin‎

‎be, erfgoed Oostvlaanderen, 2020 Softcover, 296 pages, illustrations couleur/ richly illustrated / Nederlands / Texte en Francais / English Text. ISBN 9789082732870.‎


‎Een wonderbaarlijke tuin. Flora op het Lam Gods / Un jardin miraculeux la flore sur l'agneau mystique. / A miraculeus garden flora on the Ghent Altarpiece. Het Lam Gods toont een paradijselijke tuin die getuigt van het uitzonderlijke vermogen van de Van Eycks om waarheidsgetrouw te schilderen èn om de realiteit te verweven met symboliek. Na de restauratie van het topstuk herkennen bioloog Paul Van den Bremt en apotheker Hilde Van Crombrugge 76 verschillende bloemen en planten. Gastauteurs leveren bijkomende studies van de vogels en de rotsformaties, gesteenten en mineralen. Laat je opnieuw verwonderen door het genie van de broers Van Eyck en leer heel wat bij over bloemen en planten met deze herwerkte uitgave van de bestseller uit 2016. /// Un magnifique jardin. Flore sur le retable de Gand / Un jardin miraculeux la flore sur l'agneau mystique. / Une flore de jardin miraculeuse sur le retable de Gand. Le retable de Gand montre un jardin paradisiaque qui témoigne de la capacité exceptionnelle des Van Eycks à peindre honnêtement et à entremêler la réalité avec le symbolisme. Après la restauration du chef-d'?uvre, le biologiste Paul Van den Bremt et la pharmacienne Hilde Van Crombrugge reconnaissent 76 fleurs et plantes différentes. Les auteurs invités fournissent des études supplémentaires sur les oiseaux et les formations rocheuses, les roches et les minéraux. Laissez-vous surprendre par le génie des frères Van Eyck et apprenez-en beaucoup sur les fleurs et les plantes avec cette édition révisée du best-seller de 2016. /// A wonderful garden. Flora on the Ghent Altarpiece / Un jardin miraculeux la flore sur l'agneau mystique. / A miraculous garden flora on the Ghent Altarpiece. The Ghent Altarpiece shows a paradise garden that testifies to the exceptional ability of the Van Eycks to paint truthfully and to interweave reality with symbolism. After the restoration of the masterpiece, biologist Paul Van den Bremt and pharmacist Hilde Van Crombrugge recognize 76 different flowers and plants. Guest authors provide additional studies of the birds and rock formations, rocks and minerals. Be amazed again by the genius of the Van Eyck brothers and learn a lot about flowers and plants with this revised edition of the bestseller from 2016.‎

ERIK TONEN BOOKS - Antwerpen

Phone number : 0032495253566

EUR27.50 (€27.50 )
1 2 3 4 ... 271 538 805 1072 ... 1073 Next Exact page number ? OK
Get it on Google Play Get it on AppStore
Search - van es w j l
The item was added to your cart
You have just added :

-

There are/is 0 item(s) in your cart.
Total : €0.00
(without shipping fees)
What can I do with a user account ?

What can I do with a user account ?

  • All your searches are memorised in your history which allows you to find and redo anterior searches.
  • You may manage a list of your favourite, regular searches.
  • Your preferences (language, search parameters, etc.) are memorised.
  • You may send your search results on your e-mail address without having to fill in each time you need it.
  • Get in touch with booksellers, order books and see previous orders.
  • Publish Events related to books.

And much more that you will discover browsing Livre Rare Book !