Nijmegen, Vantilt, paperback, 320 pagina's. ISBN 9789077503539.
Zijn onderwerp was recente poezie, en dat vatte hij ruim op. Even tomeloos dacht hij hardop na over als bij natuurwet in de ramsj te vinden bundels van theatermaker B. Zwaal, over een gedicht voor een verongelukte vriend van de Nederlandse voetbalinternational Wim Jonk, over het experimentele, schijnbaar achterhaalde oeuvre van Lidy van Marissing en over een songtekst van Doe Maar. Wikkende analyses, tot aan de breedte van een gedachtestreepje toe, konden gepaard gaan met uitvallen naar het literaire klimaat. Na verloop van tijd begon Kregting eveneens voor andere bladen te schrijven. Eindelijk kunnen nu zijn poeziestukken - ook over bijvoorbeeld Ramsey Nasr, Tonnus Oosterhoff, Mustafa Stitou en Nachoem Wijnberg - met elkaar in debat. En de maker spaart zichzelf niet. Kregting zag zijn kans schoon om inzichten te verfijnen, te actualiseren en te politiseren. Bovendien voorzag hij zijn essays van noten, waardoor een schaduwboek ontstaat. Ditjes en datjes uit eeuwen geestesgeschiedenis komen boven en terloops rijst de vraag of het woord 'zich' in de huidige poezie van de Lage Landen te vergelijken valt met het woord 'feel' in popmuziek, en waarom Herman de Coninck zich spiegelde aan Johan Cruijff en niet aan Pol van Himst. Niet vaak werd, tegen het decor van een ooit vanzelfsprekend engagement, een ongeloof in de kracht van poezie met zoveel hardnekkigheid bezworen.
Nijmegen, Vantilt, paperback, 112 pagina's. ISBN 9789077503126.
Op 1 januari 2005 werd in Nederland de Wet op de Vaste Boekenprijs van kracht. De branche liet er een onblusbaar debat aan voorafgaan, dat een dubbele missie in het hart droeg. Hoe konden uitgevers onrendabele maar cultureel waardevolle titels garanderen? En hoe kon het assortiment in de boekhandel van 'hoog niveau' blijven? Zij zijn niet van Jeremia onderzoekt de in de woordentwist ogenschijnlijk verloren geraakte geloofsbrieven waarop deze opdracht is gebaseerd: dat er hoog niveau geleverd wordt, waarvan kopers door brede mediavoorlichting kennis kunnen nemen. Er verschijnen tegenwoordig dermate veel titels, dat een groot deel niet eens kan worden opgemerkt. Door zogeheten opschoningsacties, voorbij het vagevuur van de ramsj, verdwijnen ze dan ook na een minimale termijn. Die maalstroom bevestigt op cynische wijze de idee van de cultuurgeschiedenis als survival of the fittest. En men doet in de zendingsijver alles om te overleven: in een Eend kruipen, Zwarte Beertjes promoten bij chocoladerepen waarop ooit een olifantje blonk. In hoeverre valt in zo'n actualiteit de auteur van een immer 'veelgeprezen' boek te vergelijken met een levende pion in een schaakspel? Marc Kregting volgt in Zij zijn niet van Jeremia het traject van bellettrie bij concernuitgevers en mediaconcerns. Met name non-fictie en romans floreren in een klimaat dat politiek is geworden, met fusies en kleinschaligheid en met debatten over normen. Afzet, wekelijks te raadplegen in zo'n dertig verschillende toptienen, moet het bewijs van soevereine 'inhoud' zijn. Wel ensceneert men non-stop nagepapegaaide kwaliteitsoordelen, waarvan de bron onvindbaar is. De vraag rijst, wat al die blijde boodschappen voor het nageslacht netto opbrengen.
, Posture Editions Nr 14, 2015 PB, 297 x 210 mm, 76 pages, EN-NL edition, Illustrated. ISBN 9789491262142.
In Demoen's work, things are not entirely like Richard Wolheim once objected to Ernst Gombrich, claiming that in the case of a theory of the double, our attention must be divided between two things or issues. There is more going on and down for that matter. Demoen (b. 1965) presents collages with cut-up echoes, which in their fragmented state function as motif-protagonists in a mise en sc ne that has fallen on its back and has not found its place yet. The studio, geometry, magazine sensationalism and the art history book are cut up and practised while dancing, as if the artistic practice were a lost nightclub with entering daylight that is used as outfit. Demoen dances the gesture till it blindly follows the work of art. (.) The scattered motifs have been cut up. They show how in the Western tradition beauty was defined by the sublime, and no design could cope with that, unless it becomes ornamental and at a certain moment also boring if radiation is impossible. When things get out of hand, a gesture playfully tries to regain control. One by one, the cards are played on the worktable. They are presented to the spectator and hidden from our glance by another playing card. The memory of the spectator is exercised, stimulated, annoyed and teased. What makes the whole thing mysterious, is that despite all the historical references in Demoen's work, the reference as such is thrown back on its own, though it is like a collection of ellipses and ovals." From 'What If Seven Days of Vase Guarantee Are No Longer Sufficient?' Sofie Van Loo.
SEGERS Gerd ( uitgever ) - [ ] Revolver - André Breton - Roland Jooris - Marc Kregting - Herman Leenders - Bart Plouvier - Ilse Starkenburg - Serge van Duijnhoven :
Reference : 51883
2. Antwerpen, Gerd Segers, 1998, 25 x 20 cm, 72 pp. Genaaid, originele bedrukte omslag ( zoals gepubliceerd)..